Ik heb last van verstopping

Onderwerp
Synoniemen
Obstipatie

In het kort

  • Bij verstopping komt de ontlasting minder dan drie keer per week. 
  • Mogelijke klachten zijn buikpijn, buikkrampen, pijn bij het poepen en harde, droge ontlasting.
  • Verstopping komt vaak door weinig drinken, te weinig vezels in de voeding en te weinig beweging.
  • Wat helpt is bewegen, vezelrijke voeding en minstens 1,5 tot 2 liter per dag drinken.
  • Verder helpen laxeermiddelen.

Wat is verstopping?

Sommige mensen hebben drie keer per dag ontlasting, andere drie keer per week. Bij verstopping (obstipatie) lukt het niet goed om te poepen. De ontlasting komt minder dan drie keer per week. Omdat de ontlasting te lang in de dikke darm blijft zitten, wordt hij hard en droog.

Hoe ontstaat verstopping?

Voedsel wordt door de darmen gekneed, verteerd en ingedikt. De dikke darm duwt het in de richting van de anus totdat u aandrang voelt om te poepen.

Verstopping kan verschillende oorzaken hebben:

  • weinig drinken;
  • onvoldoende vezelrijk voedsel;
  • te weinig lichaamsbeweging;
  • aanleg: sommige mensen hebben minder actieve darmen;
  • de spieren onder in het bekken werken niet goed mee;
  • niet naar het toilet gaan als u aandrang voelt;
  • spanning, drukte en afleiding;
  • medicijnen met een verstoppende werking, bijvoorbeeld: antidepressiva, ijzertabletten, morfine en morfine-achtige medicijnen, parkinsonmedicijnen, anti-epileptica en plaspillen.

Meestal is er geen lichamelijke oorzaak te vinden.

Heel soms komt verstopping door een trage werking van de schildklier of door een gezwel in de dikke darm.

Wat zijn de verschijnselen van verstopping?

Verstopping kan de volgende klachten geven:

  • De ontlasting komt minder vaak.
  • De ontlasting is hard en droog of keutelig. 
  • Het poepen kan dan pijn doen. 
  • U kunt buikpijn of buikkrampen krijgen. Dat komt omdat zich in de dikke darm veel ontlasting ophoopt.
  • U moet hard persen om er wat uit te krijgen. 
  • U kunt na het poepen het gevoel hebben dat u nog niet klaar bent. 
  • Dunne ontlasting lekt langs de harde ontlasting naar buiten. 
  • Soms zitten er scheurtjes aan de binnenkant van de anus. Daardoor doet het poepen pijn, vooral bij harde ontlasting.

Wat kunt u zelf doen bij verstopping?

Eten en drinken

Drink ten minste 1,5 tot 2 liter per dag.

Gezonde voeding is belangrijk. Als u gezond eet, krijgt u voldoende vezels binnen. Vezels houden vocht vast in de darm. U krijgt hierdoor meer en zachtere ontlasting en de werking van de darm wordt gestimuleerd. Vezels zitten vooral in:

  • volkoren- en roggebrood;
  • aardappelen;
  • volkoren pasta; 
  • zilvervliesrijst;
  • peulvruchten (bonen, erwten, linzen);
  • groenten (ook rauwe groenten);
  • fruit;
  • volkorenbiscuit, muesli(repen), rijstwafels en popcorn. 

30 gram vezels per dag is voldoende. Er zitten géén voedingsvezels in vlees, ei, kaas en andere melkproducten.

Beweging

Zorg ervoor dat u iedere dag ten minste een halfuur intensief beweegt. Drie keer tien minuten of twee keer een kwartier mag ook. Ga bijvoorbeeld wandelen, rennen, fietsen, zwemmen of tuinieren. Daardoor komen de darmen ook in beweging en komt de ontlasting beter op gang.

Toiletgang

Ga naar het toilet zodra u aandrang voelt. Stel dit niet uit, ook al heeft u het druk. Als u de aandrang om te poepen steeds negeert, dan voelt u op den duur de aandrang minder goed. De poep blijft langer in uw darmen en wordt daardoor droger en harder. Dit veroorzaakt verstopping.  

    Medicijnen bij verstopping

    Sommige medicijnen hebben verstopping als bijwerking. Gebruikt u zulke medicijnen? Dan is het belangrijk om met uw huisarts te bekijken of andere of minder van deze medicijnen kunt gebruiken.

    Er zijn verschillende middelen om verstopping te verminderen en te voorkomen. Deze laxeermiddelen kunt u zonder recept kopen.

    • Als het niet goed lukt om voldoende vezels te eten, dan kunt u als aanvulling psylliumzaad of sterculiagom (poeder of korrels) innemen. Dit zijn natuurlijke vezels die ervoor zorgen dat de ontlasting meer vocht vasthoudt. U krijgt daardoor meer en zachtere ontlasting. De darmen gaan daardoor beter werken. Neem deze middelen dagelijks bij uw ontbijt. Meng ze bijvoorbeeld door de yoghurt. Na één tot drie dagen merkt u dat de ontlasting op gang komt. Zorg dat u bij deze middelen voldoende drinkt (1,5 tot 2 liter per dag), anders kan de verstopping verergeren.
    • Als de extra natuurlijke vezels onvoldoende helpen, dan kunt u lactulose (stroop of zakjes poeder) of macrogol (zakjes poeder) gebruiken. Deze middelen trekken vocht naar de darmholte. Daardoor wordt de ontlasting dunner en zachter en gaan de darmen beter ‘kneden’. Neem dagelijks de afgesproken hoeveelheid bij het ontbijt. Het poeder lost u op in water. De behandeling moet vaak twee tot drie maanden worden voortgezet. U hoeft niet bang te zijn dat de darmen ‘lui’ worden van deze middelen. Lactulose en macrogol mag u ook tijdens de zwangerschap gebruiken.
    • Soms heeft u kortdurend een extra middel nodig om de darm te prikkelen, bijvoorbeeld bisacodyl (tablet) of sennosiden (stroop). Hierdoor komt er meer vocht in de darm. De ontlasting wordt daardoor zachter en wordt beter naar buiten gewerkt. Als u ’s avonds bisacodyl of sennosiden inneemt, kan de ontlasting de volgende ochtend al op gang komen. Neem deze middelen niet te vaak. Bij erge verstopping kunnen sommige middelen samen worden ingenomen. Bijvoorbeeld lactulose samen met bisacodyl. 
    • Soms kan een zetpil bisacodyl nodig zijn om de eerste harde ontlasting weg te krijgen. De zetpil brengt u in de anus in. De ontlasting komt dan binnen een kwartier tot een uur op gang. 
    • Een (micro-)klysma werkt nog sneller. Dit is een kleine tube waarmee u een vloeistof (met daarin bepaalde zouten) in de anus brengt. De vloeistof maakt de harde ontlasting zachter en werkt als een soort glijmiddel. Een micro-klysma geeft meestal direct aandrang. Probeer de ontlasting een kwartier op te houden, dan kan de micro-klysma goed inwerken.

    Als het goed is gaan uw darmen met laxeermiddelen sneller werken en krijgt u dunnere ontlasting. Houd er dus rekening mee dat u soms wat sneller dan gewoonlijk op een toilet moet zijn.

    Soms doet een scheurtje bij de anus pijn tijdens het poepen. In dat geval kunt u een pijnverdovende lidocaïnezalf op de anus smeren. Of nitraatzalf die de kringspier wat ontspant.

    Van ‘probiotica’ is niet bewezen dat ze helpen tegen verstopping.

    Meer informatie over medicijnen vindt u op apotheek.nl. Bespreek uw medicijngebruik met uw huisarts en/of apotheker.

    Hoe gaat het verder met de verstopping?

    • Bewegen, drinken en vezelrijke voeding blijven belangrijk, ook als u laxeermiddelen gebruikt. 
    • Twee weken nadat u met de medicijnen bent begonnen, kunt u uw huisarts even bellen om te bespreken hoe het gaat. Ook bekijkt u samen of de medicijnen moeten worden aangepast.
    • Houd er rekening mee dat middelen zoals psyllium, lactulose en macrogol soms wat langer moeten worden gebruikt (ten minste twee maanden).
    • Heeft u besproken met uw arts dat u minder laxeermiddelen gaat nemen, dan moet dat heel geleidelijk gebeuren. De darmen moeten er langzaam aan wennen om het zonder medicijnen te doen. Blijf de adviezen (bewegen, genoeg drinken en vezelrijke voeding) opvolgen om verstopping te voorkomen. 
    • Als verstopping opnieuw een probleem wordt, neem dan weer contact op met uw huisarts.

    Meer informatie over verstopping

    Voor meer informatie over verstopping kunt u ook terecht bij de Maag Lever Darm Stichting en bij het Voedingscentrum.

    De informatie over obstipatie is gebaseerd op de wetenschappelijke richtlijn voor huisartsen, de NHG-Standaard Obstipatie.

    Deze tekst is voor het laatst herzien op 1 nov 2011